“Durfde gie nog?”

Durfde gie nog?” Die vraag kreeg ik de afgelopen weken vaak bij ons in de Westhoek. Durf je nog kraantjeswater drinken? Het antwoord is genuanceerd: “Joak, ik durf dat nog.” Waarom?

  1. De tijdelijke afwijking is gebaseerd op wetenschappelijke analyses en blijft onder de gezondheidskundige grenswaarden.
  2. Ons drinkwater wordt streng gemonitord door bevoegde instanties en toxicologen.
  3. Er is vandaag geen onmiddellijk alternatief om de bevoorrading van honderdduizenden West-Vlamingen te garanderen.

Maar tegelijk is er een duidelijke "ja maar". De verhoogde norm is tijdelijk, en tijdelijk mag geen permanent verhaal worden.

Minister, komt er in het drinkwaterplan een duidelijke en bindende deadline om te stoppen met de verhoogde norm in West-Vlaanderen?
Eva VP

Eva Ryde

Vlaams Parlementslid

Geen twee snelheden in Vlaanderen

De huidige afwijking laat in vier West-Vlaamse waterproductiecentra – waaronder De Blankaart – een norm toe die tien keer hoger ligt dan de Europese pesticidenrichtwaarde. Dat is maatschappelijk moeilijk verdedigbaar:

  • Water is een basisrecht.
  • Water is een basisbehoefte.
  • Vlaanderen kan geen twee snelheden blijven hanteren op vlak van drinkwaterkwaliteit.

West-Vlaanderen vraagt geen privileges, maar gelijkwaardigheid en perspectief.

Daarom vraag ik in het parlement expliciet aan minister Brouns om in het drinkwaterplan:

  • een duidelijke, bindende deadline op te nemen;
  • een afbouwpad te voorzien richting de reguliere norm;
  • en transparant te communiceren over timing en maatregelen.

Bronaanpak en innovatie

Het debat wordt vandaag te vaak voorgesteld als een tegenstelling tussen landbouw en gezondheid, maar dat is een valse tegenstelling. West-Vlaanderen is een sterk verweven regio van landbouw, industrie, economie en wonen. De realiteit is complex. Net daarom moet het beleid inzetten op:

  • bescherming van drinkwaterbronnen aan de bron;
  • duidelijke regels voor alle sectoren;
  • stimulering van innovatie en alternatieven;
  • wetenschappelijk onderbouwde keuzes.

De chemische sector ontwikkelt voortdurend nieuwe producten. Dat kan angst oproepen, maar biedt ook kansen. Als overheid moeten we helder bepalen:

  • welke stoffen we nog toelaten,
  • welke we uitfaseren,
  • en welke we actief ondersteunen als veilig alternatief.

Dat vraagt vertrouwen in de wetenschap, maar ook duidelijke politieke keuzes.

Start video