Sterke start van proefproject
Sinds de invoering van elektronische monitoring in december 2025 kregen in West-Vlaanderen zeventien jongeren een enkelband opgelegd. De maatregel maakt deel uit van de bredere uitrol in Vlaanderen, waarbij minister van Justitie Zuhal Demir (N-VA) inzet op een ruimer gebruik van elektronische monitoring voor minderjarigen.
Van bij de start wordt er ingezet op meer dan controle alleen: jongeren blijven in hun vertrouwde omgeving, krijgen begeleiding en leren stap voor stap verantwoordelijkheid opnemen. Het systeem biedt zo een concreet alternatief voor een plaatsing in een gemeenschapsinstelling, met meer aandacht voor re-integratie.
Eerste cijfers geven inkijk in effectiviteit
Uit de eerste cijfers die Vlaams Parlementslid Eva Ryde schriftelijk opvroeg bij minister Demir blijkt dat van de zeventien opgestarte jongeren er drie ondertussen hun traject inmiddels succesvol hebben afgerond. Eén traject werd vroegtijdig stopgezet, terwijl de overige dossiers nog lopende zijn. Die verdeling toont dat de maatregel niet alleen wordt opgestart, maar ook effectief leidt tot positief afgeronde trajecten.
Alternatief dat inzet op verantwoordelijkheid en re-integratie
Elektronische monitoring is een gerichte aanvulling van de op heden beperkte capaciteit in de gesloten jeugdhulp. In plaats van uithuisplaatsing krijgen jongeren de kans om thuis te blijven, terwijl ze worden begeleid naar meer zelfstandigheid. School of bestaande hulpverlening kunnen zo gewoon doorlopen.
Daarnaast biedt de enkelband een antwoord op een groeiend probleem: ernstig gedrag bij jongeren blijft te vaak zonder passend gevolg, dit door een tekort aan plaatsen in instellingen. Elektronische monitoring vergroot de capaciteit om sanctionerend op te treden, waardoor jongeren die in de fout gaan wel degelijk geconfronteerd worden met een duidelijk en voelbaar gevolg.
Volgens Eva Ryde (N-VA), Vlaams Parlementslid bevestigen de cijfers het belang van deze aanpak: “De cijfers in West-Vlaanderen tonen duidelijk dat elektronische monitoring werkt als maatregel die minder breuken met de thuiscontext veroorzaakt en in bepaalde trajecten een efficiënt alternatief kan vormen voor een gesloten verblijf. Het is een belangrijke stap vooruit dat jongeren niet automatisch in een gesloten instelling terechtkomen, maar een traject kunnen volgen dat inzet op verantwoordelijkheid en re-integratie. Deze aanpak biedt perspectief, zowel voor de jongeren zelf als voor de samenleving. Ik ben dan ook bijzonder tevreden dat deze maatregel in de toekomst ook verder wordt uitgebreid naar heel Vlaanderen.”
De komende periode zal de maatregel verder uitgerold worden in Vlaanderen, waarbij in totaal capaciteit wordt gecreërd om 300 jongeren onder elektronische monitoring te plaatsen. De effectieve spreiding van deze capaciteit over de provincies heen zal door de jeugdrechters zelf kunnen worden bepaald.